Ziekenzalving

In de Ziekenzalving raakt Christus in kracht van de heilige Geest de zieke aan en schenkt de nodige bijstand. De Heer neemt de zieke als het ware bij de hand en geeft de genade van troost, van vrede en bemoediging. In de voorbede wordt aan de Heer gevraagd: ‘Kom, Heer Jezus, bezoek deze zieke en ontferm U over hem/haar: sterk hem/haar door deze heilige zalving.’

In de Ziekenzalving ontvangt de zieke de kracht en de moed om zijn ziekte en pijn te verbinden met het lijden van Christus, in het geloof dat hij eens mag delen in het nieuwe leven van Christus. Zo houdt de ziekenzalving een zending in: de opdracht om in verbondenheid met Christus het vaste vertrouwen te bewaren dat het ziek zijn en het sterven niet het laatste woord hebben. Met Christus loop je als zieke nooit verloren en is je leven geen doodlopende weg.

Als de ziekenzalving gegeven wordt aan iemand die op het punt staat het aardse leven te verlaten, dan wordt de zalving ook wel het Sacrament van de Stervenden genoemd. De laatste zalving die het einde van een mensenleven op aarde markeert, helpt om je leven te durven toe te vertrouwen aan God. Het is een overgave aan God als voorbereiding op de ontmoeting met God na dit leven.